Theaterjournaal hoofdpagina
Artikel

Holland Festival 2012


Sinds 1947 staat het Holland Festival bekend om haar uitzonderlijke voorstellingen van internationaal niveau. Onder de bezielende leiding van artistiek directeur Pierre Audi kan het publiek zeer uiteenlopende voorstellingen bezoeken. Dit jaar ligt het accent vooral op muziektheater en concerten. Maar ook westerse en niet-westerse kunstvormen zijn te zien en er is naast theater, dans en opera ook aandacht voor beeldende kunsten, literatuur en architectuur.


24 juni
‘bill & mr. b.’ [Het Nationale Ballet]

Holland Festival 2012
Copyright Angela Sterling
‘Bill & mr. b.’ bestaat uit een drieluik. Het eerste stuk ‘Symphony in three movements’ is van de choreograaf Balanchine en is een ballet voor zes solisten en het ensemble. De dansers zijn verstild in hun bewegingen. Ze zijn soepel, rond en dansen met elkaar en tegen elkaar in. De prachtige livemuziek van Stravinsky ondersteunt de dans en tegelijkertijd wordt de muziek zichtbaar in de dans.

‘Symphony in three movements’ bestaat uit twee uitbundige delen. De choreografie is sportief en snel. De benen gaan tot aan de oren de lucht in, voeten zijn naar binnen gedraaid en handen geflext. Soms lijkt het alsof een danser van zijn eigen voeten afvalt, maar de instabiliteit hoort bij Balanchine en maakt het enorm spannend om te zien.

Het tweede stuk ‘Steptext’ van Forsythe begint wanneer het publiek nog binnenstroomt. Een enkele danser maakt krachtige bewegingen op de geluiden die het publiek maakt. De stemmen en omgevingsgeluiden vormen de muziek waar de danser op danst. Middenin een beweging stopt de danser en verdwijnt hij, om zijn plek af te staan aan een andere danser die later op dezelfde manier ook verdwijnt. ‘Steptext’ is een verknipte voorstelling, zowel in dans als muziek en het lichtontwerp. Met het zaallicht nog aan begint de dans echt, drie mannen in het zwart en één vrouw in felrood dansen gezamenlijk in een afwisselende bezetting een pas de deux. Soms stoppen ze middenin de dans, breekt de muziek af of gaat het licht uit. Het is een spannend spel, en als publiek zit je echt op het puntje van je stoel en ben je benieuwd naar wat er komen gaat.

Holland Festival 2012
Copyright Angela Sterling
‘The second detail’ is ook een choreografie van William Forsythe. Voor dit stuk is muziek gecomponeerd door Thom Willems. De muziek klinkt eerst als het tikken van een metronoom, een constant ritme waarbinnen de dansers op een strakke maat moeten bewegen. De choreografie schakelt tussen grote en overzichtelijke groepsformaties en de individuele solist. Het geheel is overdonderend en de bewegingen lijken soms op die van Balanchine, zoals hoekige handen en voeten. Een staccato en esthetische dans, niet ballerina-achtig, maar explosief, krachtig en expressief. De combinatie van de technologische en klassieke muziek, het ritme en geluid is spannend om te zien en maakt nieuwsgierig naar meer.
Gerecenseerd door Yara Gomperts. ‘bill & mr. b' is te zien tot en met 1 juli.


23 juni

“Dat wordt brood mee” is een oubollig grapje wanneer je naar een evenement gaat waarvan je voorziet dat het wel eens lang kon gaan duren. De bezoekers van de ‘Musil Marathon’ vatten het gezegde letterlijk op. Zelden liepen toeschouwers bij een toneelvoorstelling zo nadrukkelijk te sjouwen met proviand als bij deze voorstelling. De Musil-trilogie duurt dan ook negen uur. Inclusief pauzes – dat wel.

‘Musil Marathon’ [Het Toneelhuis]
Regie Guy Cassiers

Holland Festival 2012
Copyright Koen Broos
‘De man zonder eigenschappen’ uit Robert Musils gelijknamige boek (gepubliceerd tussen 1930 en 1942) is niet zozeer een karakterloze mens. Het probleem is meer dat hij geen keuzes maakt. Ulrich is tegenover iedereen beminnelijk en meegaand, maar tegen niemand open en eerlijk. Hij ziet er goed uit en is goed van de tongriem gesneden, en is daarmee vanzelfsprekend een populair personage. Mannen vinden hem sympathiek, vrouwen vallen voor zijn charmes, tot bloedverwanten zoals zijn nicht en zijn zus aan toe. Zo windt Ulrich (Tom Dewispelaere) iedereen om de vingers zonder zich ooit echt uit te spreken voor of tegen iets. En dat in het tijdperk waarin alle emoties worden voorzien van de psychologische stempels van Freud. Seksuele verlangens en frustraties vliegen ons om de oren.

Musil (1880-1942) was eigenlijk nog lang niet klaar met dit epos toen hij in 1942 overleed. Zijn vrouw heeft dus een onvoltooide roman laten publiceren. De schrijver neemt ons mee naar 1913: de nadagen van het Oostenrijks-Hongaarse rijk, voordat de Eerste Wereldoorlog uitbreekt. Daarmee is dit hèt moment waarop het kwaad nog te keren was geweest, de oorlog nog te voorkomen. Als de mensen verstandig waren geweest, tenminste, en niet zo zelfingenomen.

Musil legt zijn personages oneliners in de mond. “Het volk vraagt om een sterke hand.” “Iedereen is doende met macht, maar niet met nieuwe ideeën.” “Het tijdperk van de grote persoonlijkheden loopt ten einde.” “Geest is maar in beperkte mate regeringsgeschikt.” Duidelijk is waarom regisseur Guy Cassiers juist deze roman op toneel wil brengen: veel teksten zijn van toepassing op de hedendaagse machthebbers.

Cassiers mag zijn tanden graag zetten in een literaire kluif. In de tijd dat hij artistiek leider was bij het Ro Theater maakte hij toneelversies van onder andere ‘Anna Karenina’ van Tolstoj en ‘A la recherche du temps perdu’ van Proust. Cassiers verliet het Ro Theater ten faveure van het Antwerpse Toneelhuis. Met dat gezelschap brengt hij nu dit Musil-drieluik.

Holland Festival 2012
Copyright Koen Broos
In deel 1 breken hoogwaardigheidsbekleders zich het hoofd over een feest dat in de praktijk nooit zal plaatsvinden: het 70-jarig regeringsjubileum van keizer Frans-Josef in 1918. Deel 2 draait om de incestueuze verhouding tussen broer Ulrich en zus Agathe (Liesa van der Aa). Deel 3 staat min of meer op zichzelf, de tekst is geschreven door Yves Petry. Dat deel gaat over een sensationele moord die in de twee eerdere delen bij wijze van nieuws langskomt. Ene Moosrugger (Johan Leysen) pleegde een gruwelijke moord op een prostituee en vertelt over zijn drijfveren en gedachten.

Cassiers’ Musil-drieluik draagt weliswaar dezelfde klankkleur als bijvoorbeeld zijn Proust-kwartet, maar deze voorstelling is koddiger, minder scherp, anekdotischer. De vormgeving is ook minder spannend dan we van Cassiers gewend zijn, al maakte het duo Valentine Kempynck/Johanna Trudzinski zeer fraaie couture-achtige kostuums. Cassiers gebruikt graag projecties bij wijze van decor. Bij zijn Proust-voorstellingen waren die zinsbegoochelend, betoverend, manipulatief. In de Musil-voorstelling zijn de projecties simpeler. Meer voorspelbaar, ook: het Laatste Avondmaal van Da Vinci en een carnavalscène van James Ensor liggen net iets te veel voor de hand aan de vooravond van de Eerste Wereldoorlog. Bovendien bungelt deel 3, het verhaal over de moordenaar en de prostituee, er een beetje bij.

Betekent dat dat we deze Cassiers beter kunnen overslaan? Natuurlijk niet! Het vertrek naar Vlaanderen van Cassiers was een aderlating voor het Nederlands toneel. Ondanks de minpunten is het bijzonder en de moeite waard om te mogen genieten van zijn hoogst persoonlijke theaterhandschrift. Je kunt Cassiers moeilijk verwijten dat zijn meesterwerken de ene keer briljanter zijn dan de andere.
Gerecenseerd door Mieke Zijlmans. ‘Musil Marathon’ is te zien tot en met 24 juni.


22 juni
Onder politiebegeleiding naar het theater: het is weer eens wat anders. Nee – grapje: de koningin bezoekt het Holland Festival en de politie is er om haar te begeleiden. Onze majesteit trotseert windkracht zeven om in Carré te komen kijken naar de muziektheatervoorstelling ‘The life and death of Marina Abramovic ’, geregisseerd door Robert Wilson.

‘The life and death of Marina Abramovic’ [Robert Wilson, Marina Abramovic , Antony, Willem Dafoe]
Regie: Robert Wilson


Holland Festival 2012
Copyright Lucie Jansch
Wat een rotjeugd en een dito moeder kapot kunnen maken, wordt duidelijk in de biografische voorstelling ‘The life and death of Marina Abramovic’, geregisseerd door Robert Wilson. Dit is het levensverhaal van de tamelijk verknipte Servisch performance-kunstenares Marina Abramovic in een voorstelling op het snijvlak tussen een stripverhaal, poppentheater, opera en beeldende kunst.

Marina Abramovic werd in 1946 geboren als kind van ouders die tijdens de Tweede Wereldoorlog als partizanen vochten. Vooral haar getraumatiseerde moeder reageert haar frustraties pijnlijk af op de kleine Marina. Niet klagen, niet piepen, nooit de emotie de boventoon laten voeren. Krijgt het kind een ernstig ongeluk, dan wordt ze eerst geslagen vanwege haar onhandigheid, en pas daarna naar het ziekenhuis gebracht. Marina leert dat seks eng is en dus moet worden vermeden. De moeder zit het kind zo op de huid dat ze er doodsbang van wordt. Blijkbaar levert de akelige jeugd Marina wel stof en een mentaliteit op voor een leven vol artistieke performances. Daarin zoekt de kunstenares voortdurend naar uitersten, naar grenzen van pijn en uitputting, wat een nogal extreme kunst oplevert.

Dat leven van angst en frustratie als inspiratiebron is het uitgangspunt van de voorstelling die Robert Wilson maakte over het leven en de (ooit) te verwachten dood van Marina Abramovic. Zo akelig als dat klinkt, zo hilarisch is de theatrale weergave ervan door Wilson. Anekdotisch en toch bloedserieus.

Wilson heeft zijn sporen de afgelopen veertig jaar verdiend met een reeks theatervoorstellingen waarin muziek en beeldende kunst een dominant aandeel hebben. Zijn handelsmerk zijn scherp omlijnde figuren op het toneel, bijna als striptekeningen, tegen een hardgekleurde achtergrond. Hij maakt associatieve performance-voorstellingen, bevolkt door sprookjesachtige figuren en symbolische personages.

Holland Festival 2012
Copyright Lucie Jansch
In deze Marina Abramovic-voorstelling speelt acteur Willem Dafoe de verteller van het levensverhaal. Voorzien van Servisch accent, gekleed in legeruniform, met rode pruik en wit geschminkt als een Japanse clown heeft Dafoe vanaf de eerste seconde de lach aan zijn kont. Hij vertelt het verhaal dat gelijktijdig achter hem wordt uitgebeeld door zangers, dansers en acteurs. Door Marina Abramovic zelf, bijvoorbeeld: zij speelt de krengerige rotmoeder. En door de ijzersterke zanger Antony, in travestie gekleed. Acteurs spelen alle Marina’s, van het kleine kind in een rood/wit genopt Minnie Mouse-jurkje tot de volwassen vrouw die gedonder heeft met mannen.

Het resultaat is een wonderschone, fascinerende voorstelling waarin tekst, muziek, choreografie, zang, projecties, minimalistisch decor en een strakke belichting met elkaar een even tragische als grappige theatrale versie opleveren van het levensverhaal van een kunstenares die voorlopig nog allerminst dood is – wat de titel ook beweert.
Gerecenseerd door Mieke Zijlmans. ‘The life and death of Marina Abramovic’ is te zien tot en met 24 juni.


21 juni
Het is interessant om de verscheidenheid aan publiek te zien bij de diverse Holland Festivalvoorstellingen. Vaak overheerst het beeld van oudere, goedgeklede (goedgesitueerde?) mensen; vandaag is dat niet zo. Het is een gemengd gezelschap van jong en oud, formeel gekleed en casual. Ligt dat aan de voorstelling of aan de onwennige zomerse temperaturen?

‘The Master and Margarita’ [Complicite]
Regie: Simon McBurney

Holland Festival 2012
Copyright Robbie Jack
Waarschijnlijk hebben de meesten van ons Simon McBurney wel eens zien spelen in een Britse televisieserie of film. Hij is een veelgevraagd acteur, zo eentje die je goed vindt, maar van wie je de naam niet weet. Daarnaast blijkt hij dus een fantastisch regisseur te zijn met een eigen gezelschap: Complicite.

Het boek ‘De Meester en Margarita’ heeft drie door elkaar lopende verhaallijnen, waarin naast Jezus Christus, Pontius Pilatus en Satan de Meester en zijn geliefde Margarita de hoofdpersonen zijn. Het is een satire op de Sovjet-Unie onder Stalin en een pleidooi voor individuele vrijheid en menselijkheid, dit alles in een magisch-realistische setting.

Het toneelbeeld begint en eindigt uiteindelijk kaal: een leeg podium met 16 stoelen en links een eenpersoons bed. De achterwand bestaat uit een armoedige huizenrij met dichte ramen. Op het podium is een extra vloer gelegd die schuin naar voren helt. We zijn in Moskou in de jaren dertig en het is indrukwekkend hoe McBurney erin slaagt dat geloofwaardig te maken, met behulp van kostuums en rare hokjes waarin verkopers (van wat?) zitten met lange rijen wachtenden ervoor. Een groot aandeel van het toneelbeeld wordt geleverd door verbluffende 3D-graphics en Google maps-animaties. Mensen zwoegen bijvoorbeeld door sneeuwstormen en vaak ziet men wat op het toneel gebeurt geprojecteerd in een raam op de achterwand.

De acteurs tonen prachtig ensemblewerk. Iedereen speelt in dienst van de vertelling, zowel de hoofdpersonen als de kleinere rollen. De makkers van Woland, de duivel, zijn een fascinerende groep, een gang waaronder de geestig vormgegeven kat Behemoth die brandende ogen heeft en een Cockney-accent. Alleen tussen de Meester en Margarita klopt het niet helemaal, hun scènes neigen naar melodrama en zijn vlak. Misschien is het ondoenlijk om in een dergelijke razendsnelle voorstelling waarachtige emoties te tonen?

Een paar keer is ‘Gimme Shelter’ van de Rolling Stones te horen, “War, children, it’s just a shot away”. Boelgakov heeft twaalf jaar aan zijn boek gewerkt – in 1940 was het eindelijk af, bij het begin van de Tweede Wereldoorlog. Deze allereerste theaterversie van dit magistrale kunstwerk heeft een passende illustratie gekregen door McBurney en zijn spelers.
Gerecenseerd door Emilia Nova. ‘The Master and Margarita’ is te zien tot en met 23 juni.


15 juni
In Donets’k is de EK-wedstrijd Frankrijk-Oekraïne stilgelegd vanwege hevige regen en onweersbuien. In Amsterdam moeten de bezoekers van de film ‘Pantserkruiser Potemkin’ een herfstige zomeravond trotseren. Ze waaien bijna van de steile loopbrug naar het Muziekgebouw aan ’t IJ. Maar ware kunst vergt nu eenmaal offers. Ook van de toeschouwers. Voor Sergej Eisensteins klassieker, met nieuwe muziek van de Brit Michael Nyman, hebben ze de barre overtocht graag over.

‘Pantserkruiser Potemkin’ van Sergej Eisenstein
Muziek: Michael Nyman & Michael Nyman Band

Holland Festival 2012
Ontelbare keren heeft de Russische filmregisseur Sergej Eisenstein moeten aanhoren dat ‘zijn’ versie van de historische muiterij op het oorlogsschip Potemkin (1905) nogal overdreven is. Eisenstein romantiseert er flink op los, met zijn heldhaftige matrozen. Maar wat maakt het uit hoe waarheidsgetrouw het verhaal precies is: de regisseur wil de sfeer weergeven die voorafging aan de Russische revolutie in 1917. Zijn ‘Pantserkruiser Potemkin’ (1925) is gerestaureerd, en voorzien van nieuwe muziek door de Brit Michael Nyman en zijn orkest.

De bemanning van het schip Potemkin pikt de onderdrukking door haar superieuren niet langer, noch het rottende eten dat ze voorgezet krijgt. Op het schip breekt een opstand uit die de matrozen winnen. In de haven van Odessa krijgt de bevolking het nieuws over de opstand mee en de mensen scharen zich achter de zeelieden. Maar de autoriteiten sturen er zwaar gewapende soldaten op af, die de bevolking van Odessa zonder pardon van de hoge trappen afschieten.

‘Pantserkruiser Potemkin’ is alleen al een klassieker omdat Eisenstein dingen doet met zijn beeldtaal en camerahoeken die in 1925 nog nooit vertoond waren. Mensen zonder macht worden van bovenaf gefilmd en lijken dus kleiner; mensen met macht worden van onderaf gefilmd en lijken dus groter. De dreiging spreekt niet alleen uit het verhaal, maar ook uit de beeldtaal. En uit de muziek: Eisenstein was ervan overtuigd dat de ondersteunende muziek de politieke boodschap van zijn revolutionaire verhaal zou versterken. Wat hem betrof, moest de muziek bij zijn film dan ook periodiek worden vernieuwd om de propagandistische waarde van de rolprent per generatie intact te laten.

Eisensteins neus zou hebben gekruld als hij had geweten dat de Britse musicus Michael Nyman in 2011 nieuwe muziek bij zijn ‘Potemkin’ had gemaakt. Het Holland Festival toont de gerestaureerde film, live begeleid door Michael Nyman en zijn band. Nu is levende muziek bij een film per definitie charmant. Maar Nyman ondersteunt de sfeer van de film daadwerkelijk effectief met zijn Philip Glass-achtige minimal music. Nyman gebruikt terugkerende thema’s voor dreiging, voor opstand, voor onderdrukking. En natuurlijk voor de overwinning door het volk; ook al is die overwinning van tijdelijke aard. Het is een fraai stukje cultuurgeschiedenis met een meeslepende nieuwe muzikale omlijsting, deze hedendaagse ‘Potemkin’.
Gerecenseerd door Mieke Zijlmans. ‘Pantserkruiser Potemkin’ was alleen te zien op 15 juni.


13 juni
De eerste Holland Festivalvoorstelling van het jaar in het Muziektheater Amsterdam. De zaal is verre van uitverkocht, er zijn veel lege plaatsen. Misschien vanwege de wedstrijd Nederland – Duitsland? Het merendeel van de bezoekers is van middelbare leeftijd en lijkt van keurige komaf. Desalniettemin gedragen sommigen van deze keurige mensen zich tijdens de inleiding tot de voorstelling niet zo keurig. Men komt te laat, maar sjouwt dan met stoelen vlak voor al eerder gezetenen, die daardoor minder goed kunnen zien. Tja.

‘La Création du monde 1923 – 2012’ [Faustin Linyekula, CCN – Ballet de Lorraine]

Holland Festival 2012
Copyright Veronique Evrard
Een halfduister podium. Op lage banken tegen de achtermuur zit een twintigtal dansers in trainingskleren. Allemaal zijn ze blank. Helemaal rechts op het podium staat een eenzame zwarte man met zijn rug naar ons toe. Hij maakt rondjes met zijn bekken, het soort rondjes die je associeert met Afrikaanse dans. Terwijl de andere dansers alleen of met meerderen tegelijk dansen, gaat de zwarte man, al rondjes draaiend, heel langzaam van rechts naar links over het podium en verdwijnt.

‘La création du monde’, een ballet nègre, is in 1923 gemaakt door een aantal in Parijs wonende kunstenaars. Zij waren beïnvloed door de puinhopen van de Eerste Wereldoorlog, het door Afrikaanse kunst geïnspireerde werk van Picasso en de door componist/wonderkind Milhaud ontdekte New Yorkse jazz. Op uitnodiging van het Ballet de Lorraine heeft de Congolese danser en choreograaf Faustin Linyekula een nieuwe versie gemaakt waarin zowel de oorspronkelijke westerse versie als zijn Afrikaanse antwoord te zien is.

Holland Festival 2012
Copyright Els de Nil
Het ballet bestaat uit drie delen; het eerste deel wordt gedanst door allemaal blanke dansers in glanzende, verschillend gekleurde dansmaillots, waarbij een zwarte man, met in zijn armen allemaal doeken, aarzelend op en af loopt. Het podium is minimaal verlicht, dat maakt het kijken naar de vele dansers niet makkelijk. De doeken blijken, als ze zijn opgehangen, grote decorstukken te zijn, die qua kleur en patronen een Afrikaanse indruk maken. Dan volgt het tweede deel waarin de dansers prachtige kostuums dragen, veelal dieren voorstellend, waarin je het kubisme herkent en Picasso. Dit is het oorspronkelijke ‘La Création du monde’ op muziek van Milhaud.

Daarna komt opnieuw de zwarte man op. Hij trekt ook een glanzende dansmaillot aan en gaat achter een microfoon staan. Dan spreekt hij, al dansend, een tekst uit waarin hij dingen zegt als “wat is een ballet nègre zonder nègre”. Dit gedeelte waarin de tekst van Linyekula wordt uitgesproken, -gezongen, -geschreeuwd, is het mooiste, meest aangrijpende deel van de voorstelling. Het komt na al het formele dansen aan als een stomp in de maag. “Hoera voor de ellendigen!!! Tromgeroffel voor de verliezers!!!”
Gerecenseerd door Emilia Nova. ‘La création du monde’ is te zien tot en met 14 juni.  


12 juni
‘Parsifal’ [De Nederlandse Opera]
Regie: Pierre Audi
Holland Festival 2012
Copyright Monika Rittershaus en Ruth Walz
Het verhaal van Parsifal gaat over twee heilige voorwerpen die ridder Titurel in bewaring zijn gegeven: de Graal en de Speer. Deze bijzondere relikwieën worden veilig verborgen gehouden achter de grote veilige muren van burcht Mosalvat. De hechte Graalgemeenschap die de schat verborgen houdt, wordt aan allerlei verleidingen blootgesteld door tegenstanders die op hun beurt zich aan de magische krachten van de Graal blootstellen. Als Klingsor de Speer van Titurels zoon Amfortas steelt en hem een grote wond toebrengt, kan dit onheil alleen worden rechtgezet door een vreemdeling die met de Speer de wond aanraakt. En dan verschijnt Parsifal vanuit het woud. Als hij niets vermoedend een zwaan uit de lucht schiet met zijn pijl en boog, komt hij plotsklaps oog in oog te staan met de mensen van de Graalgemeenschap.

De Nederlandse Opera brengt met ‘Parsifal’ een grootse voorstelling in première tijdens het Holland Festival. Het was de laatste opera van componist Richard Wagner, die er het libretto en de muziek voor schreef. Het Koninklijk Concertgebouworkest, onder muzikale leiding van Ivan Fischer, vertolkt op prachtige wijze het theatrale werk van Wagner. Wat opvalt is het religieus-filosofische karakter van het libretto en de vele verwijzingen naar Bijbelse waarden als vergelding, verlossing en boetedoening. Alleen een ‘reine dwaas’ kan door de kracht van het christelijk mededogen heil en verlossing brengen aan de gewonde Amfortas. Is Parsifal echter wel een reine dwaas? Hij laat zich verleiden door Kundry, zoekt zelf naar verlossing en heeft niet door dat zijn handelen grote consequenties kan hebben.

De voorstelling wordt gedragen door Alejandro Marco-Buhrmester die Amfortas speelt en Christopher Ventris (Parsifal). Hun beider zoektocht naar vergiffenis en verlossing is hartverscheurend. In de vijf en een half uur durende voorstelling gaan lopen zij gekweld rond. De scène waarin Parsifal versierd wordt door de bloemenmeisjes is waarachtig mooi. In vrolijke kleuren gestoken jurkjes grijpen de meisjes naar de begeerlijke Parsifal, een scène die doet denken aan Orpheus die weerstand moet bieden aan de lokroepen van de sirenen. Parsifal weet goed weerstand te bieden. Amfortas tenslotte vindt verlossing in een emotioneel einde waarin de blaasinstrumenten het drama van Wagners werk illustreren. ‘Parsifal’ is een groots en meeslepend opgezette opera in een zeer krachtig vertolkte uitvoering.
Gerecenseerd door Chris Belloni. ‘Parsifal’ is te zien tot en met 8 juli.


10 juni

Dag tien van het Holland Festival. Het is druk in en rondom de Stadsschouwburg Amsterdam. Mooi weer, veel mensen op het terras. Veel bekenden uit de theater-, film- en televisiewereld, schrijvers en andere kunstenaars en hier en daar iemand uit de gemeenteraad.

‘Macbeth’ [Toneelgroep Amsterdam]
Regie: Johan Simons  

Holland Festival 2012
Copyright Jan Versweyveld
‘Macbeth’ is het verhaal van de Schotse veldheer die als held terugkeert uit de oorlog, drie heksen tegenkomt die hem voorspellen dat hij koning zal worden en dan besluit het lot een handje te helpen door zijn concurrenten voor die positie te vermoorden. Er bestaan getuigenissen van militairen die in oorlogssituaties het moorden prettig zijn gaan vinden. Men is een drempel overgegaan en kan niet meer terug. De bloeddorst is geboren. De visie van Johan Simons is dat dit ook Macbeth is overkomen en dat het in feite ons allen kan gebeuren.

De voorstelling begint geweldig. Terwijl het publiek de zaal binnenkomt, vult een kleine tribune op het toneel zich met spelers die ons bekijken, zoals wij hun de komende twee uur zullen bekijken. Aanvankelijk doet de manier waarop de acteurs bewegen, denken aan dansers of dieren. Als Macbeth (Fedja van Huêt) loopt, doet hij dat vaak enigszins sluipend als een soldaat, met gekromde rug op zoek naar de vijand, zoals je dat ziet in oorlogsfilms. Macbeth is een beetje gek, praat tegen zijn vrouw soms met een hoge stem, ligt als een klein kind in haar armen. Pas als hij heeft gemoord wordt hij weer man, alsof hij zijn fix heeft gekregen. Er zijn momenten dat het duidelijk is hoe wanhopig hij is, alsof hij gevangen zit in een spiraal, waar hij niet uitkan. Die momenten zijn benauwend en prachtig, de verdienste van Van Huêt die acteert alsof zijn leven er van afhangt. De voorstelling is echter bij tijden ook heel statisch en cerebraal, ondanks het vele geweld en al het bloed dat vloeit. Misschien omdat er zo weinig over is gebleven van Shakespeares tekst en er veel zinnetjes herhaald worden?

Holland Festival 2012
Copyright Jan Versweyveld
Toch is het einde aangrijpend. Van Huêt gooit werkelijk zijn hele wezen in zijn spel en dat ontroert heftig. Ik vroeg me af wat me nu precies raakte: was ik begaan met Macbeth en de strijd die hij had gevoerd, waarbij hij zijn vrouw en de mensen om hem heen was kwijtgeraakt? Of voelde ik mee met de acteur die alles gaf en die zijn stem bijna kwijt was? Waarschijnlijk beide. Op het moment dat Macduff (Fred Goessens) hem doodschiet, wordt hij letterlijk uit zijn lijden geholpen. Een opluchting. Maar het is ook het begin van een nieuwe geweldsspiraal. Voor anderen.
Gerecenseerd door Emilia Nova. ‘MacBeth’ is te zien tot en met 8 februari 2013. 


9 juni

Het is dag negen van het Holland Festival, dag twee van het EK voetbal en dag een voor het Nederlandse elftal. Naast de Stadsschouwburg op het Leidseplein staan drommen mensen bedrukt te kijken hoe Nederland van Denemarken verliest. Binnen is daar weinig van te merken. Een rood-wit-blauw vlaggetje op een wang en een enkele oranje bloem in het haar en natuurlijk de oranje letters van de Holland Festivalbanner. Daar blijft het bij.

'Waiting for Miss Monroe' [De Nederlandse Opera]
Muziek: Robin de Raaff, libretto: Janine Brogt, regie: Lotte de Beer
Het podium is kaal en leeg, een blonde vrouw in een witte onderjurk komt aarzelend op. Even later wordt ze omringd door batterijen rollende camera’s, decorstukken, kledingrekken en andere zaken die bij een filmset horen. Ze maakt een kleine eenzame indruk, even later is ze verdwenen

Holland Festival 2012
Copyright Lex Reitsma
Marilyn Monroe is vijftig jaar na haar dood nog steeds een fascinerend onderwerp. Om boeken over te schrijven, films over te maken, foto’s van te laten zien en, nu ook, een opera over te maken. Mensen blijven geboeid door de complexe mengeling van schoonheid, onzekerheid en destructiviteit die ze was. Robin de Raaff en Janine Brogt hebben zich voor deze opera laten inspireren door de laatste maanden van haar leven. Laura Aikin speelt en zingt Monroe en dat doet ze briljant. Ze heeft een prachtige stem en een bijzondere presence. Soms is ze lief en charmant, maar ze is ook overtuigend in haar onzekerheid en angst. Je snapt dat de regisseurs gek worden van deze vrouw, die eerst iedereen uren laat wachten en als ze er dan eindelijk is, nog steeds niet aan het werk kan omdat ze in paniek raakt. Maar deze opera maakt ook iets anders duidelijk. Hoe Monroe al tijdens haar leven door iedereen - regisseur, coach, producer, minnaars, en misschien ook wel door zichzelf - als object wordt gezien.

Het toneelbeeld is ingenieus en zonder meer prachtig. Mooie, steeds wisselende decors die de sfeer van de jaren vijftig, begin zestig laten zien. Warme belichting op de filmset, een claustrofobische kleedkamer met een bijzondere dubbelzijdige spiegel als draaideur. Wordt hier gerefereerd aan een uitspraak die Monroe ooit deed: “Mensen hebben de gewoonte om me aan te kijken alsof ik een soort spiegel ben in plaats van een mens”? Later wordt de kleedkamer een presidentskantoor en dan een lange eindeloze gang waar ze aan het eind doodeenzaam ‘Happy Birthday’ staat te zingen.

Er is een moment tegen het einde dat Monroe zichzelf ontmoet zoals ze vroeger was: Norma Jean met donker haar en vol levenslust, een ster gaat ze worden, een ster! En dat werd ze. Misschien wel de grootste ooit. En nu is er dan een echte opera over haar. En dat weet ze niet. Hoe jammer.
Gerecenseerd door Emilia Nova. ‘Waiting for Miss Monroe’ is te zien tot en met 16 juni.


8 juni
'Enfant' [Boris Charmatz, Musée de la danse]
Choreografie: Boris Charmatz
Holland Festival 2012
Copyright Boris Brussey
In één van de hallen van de Westergasfabriek ligt een glanzende spiegelende zwarte vloer. Door het dak kan je nog net een beetje daglicht zien. Het is donker binnen, behalve het reflecterende licht op de vloer zie je niets. Het is stil, totdat er een motortje gaat draaien. Een hijskraan beweegt heen en weer, maakt schokkende bewegingen en trekt aan een touwtje. Het touw zit vast aan een haak aan de muur en wanneer het losschiet, klinkt het als een enkele zuivere noot. De kraan danst met zijn arm door de ruimte, steeds opnieuw volgt hij een touw, trekt eraan net zolang totdat het touw niet meer losschiet en het langzaam dansers naar zich toetrekt en hen uiteindelijk in de lucht laat bungelen.

De machine manipuleert de dansers zo dat ze in een spannend standje liggen, wanneer de vloer dan begint te schokken en trillen is het beeld compleet. De dansers worden in leven getrild en kinderen worden één voor één op het toneel gedragen. Ze lijken lappenpoppen. Het is akelig eng, zo slap zijn ze. De dansers laten de kinderen vliegen, dansen, knuffelen of spelen. Ze kunnen niets zonder dat een ander ze beweegt, eigenlijk zijn ze er niet echt.

In ‘Enfant’ komt de dansprestatie op een tweede plek, eerder lijken de dansers vooral spontane bewegingen te maken; schokkende en onverwachte bewegingen – bijna stuiptrekkingen. Ook worden veel bewegingen herhaald, waardoor het niet altijd even interessant is om te zien. Prachtig is het gebruik van muziek en ook het ontbreken daarvan. In het begin heerst er doodse stilte op het podium, behalve het draaien van de machines is er geen enkel geluid te horen. Daarna komt er steeds meer geluid bij.

Aan het eind van de voorstelling wordt er live een doedelzak bespeeld. De zeurende klanken van de doedelzak halen de kinderen uit hun trance. Een jongetje rent over het podium en opeens zijn de rollen omgedraaid. De kinderen rennen kris kras rond en de dansers doen mee. Dan ploffen alle dansers neer en worden ze door de kinderen gemanipuleerd net zoals zij eerst hen manipuleerden.
Gerecenseerd door Yara Gomperts. ‘Enfant’ is te zien tot en met 9 juni.


6 juni
'The Speaker’s Progress' [Sulayman Al-Bassam, Sabab Theatre]
Regie: Sulayman Al-Bassam
Holland Festival 2012
Copyright Rashid Al Bin Ali
De spelers van ‘The Speaker’s Progress’ komen uit verschillende landen uit het Midden-Oosten en vormen geen theatergezelschap met elkaar. Het zijn acteurs en performers, met een gezamenlijk doel; meer vrijheid realiseren in het Midden-Oosten. Dat deze mensen in totalitaire regimes leven, wordt duidelijk aan het begin van de voorstelling. De theaterprogrammeur van het Holland Festival vertelt dat de meeste van hen grote moeite hadden om aan visa en benodigde papieren te komen om in Europa een theatervoorstelling op te kunnen voeren. Hoewel de repetities er wat bij ingeschoten zijn, is gelukkig iedereen op tijd aangekomen.

Sulayman Al-Bassam was al enige tijd bezig met een Arabische Shakepeare-trilogie. De slotvoorstelling ‘The Speaker’s Progress’, over de onveranderlijkheid van de Arabische wereld, was in het repetitieproces toen ineens de hele regio door woeste revolutie werd overspoeld. De voorstelling die de apathie van de Arabische volksaard stevig aan de kaak wilde stellen, was ingehaald door een actualiteit waarin burgers het plotseling op durfden te nemen tegen de autoritaire staat. Scènes moesten worden herschreven en actuele gebeurtenissen worden ingevoegd. De voorstelling was bedoeld als een antipamflet, maar kreeg ineens een belangwekkende, actuele dimensie. Al-Bassam had hier alleen maar van kunnen dromen.

Theater als metafoor voor vrijheid, als laboratorium waar vrijheden worden bevochten: zo kan de visie van Al-Bassam worden omschreven. In een ingenieus opgezette satire becommentarieert Al-Bassam de teloorgang van bevochten vrijheden aan de hand van een constructie van een toneelopvoering uit 1963. Verschillende scènes worden overgespeeld, maar in de gekuiste vorm die tegenwoordig wordt voorgeschreven door de dictaturen. Scènes waarin overspeligheid en liefde worden bezongen staan nu in een kwaad daglicht. Een jongen die als vrouw verkleed gaat, zoals vaker gebeurt in de voorstellingen van Shakespeare, wordt door de geestelijken ten strengste veroordeeld. De censuur die door de regimes wordt toegepast in de kunsten en in het persoonlijke leven wordt mooi verbeeld door de afgezant van het Ministerie van Toerisme, die bij iedere onkuise scène met een strenge blik in de camera kijkt en zegt dat hier melding van wordt gemaakt op een formulier.

De spelers schakelen razendsnel in verschillende scènes, die vlot aan elkaar worden geplakt door de alwetende stem van Al-Bassam. Zijn puntige commentaar getuigt van intellect, al wil hij de kijker soms iets te veel aan de hand meenemen en laat hij weinig voor interpretatie open. Maar dat kan ook niet anders: Al-Bassam is zelf het product van het door hem verafschuwde voorschrijvende, paternalistische gedachtengoed. Zijn voorstelling ‘The Speaker’s Progress’ is desalniettemin hoopvol en belangwekkend, mede ook door de tijdsgeest die de voorstelling heeft ingehaald.
Gerecenseerd door Chris Belloni. ‘The Speaker’s Progress’ is te zien tot en met 7 juni.


2 juni
Dit is dag twee van het Holland Festival 2012. Tijdens de interessante inleiding, voorafgaande aan de voorstelling, zijn er vooral grijze hoofden te zien. Maar eenmaal in de stampvolle Rabozaal van de Stadsschouwburg gezeten, blijkt dat er ook veel jongere en jonge toeschouwers aanwezig zijn. Onder wie een paar bekende theatermensen, zoals Hans Croiset met zijn vrouw, Theu Boermans en Melle Daamen, de directeur van de Stadsschouwburg Amsterdam. De Nederlandse vertaling van de (Oostenrijk-)Duitse tekst wordt op drie plekken getoond. Meestal gaat dat goed, helaas niet steeds. Juist op een moment waarbij de tekst heel belangrijk is en tegelijkertijd vrij ingewikkeld, wordt er helaas geen vertaling getoond. Het danken van de acteurs is bijzonder, ze zitten over het toneel verspreid en maken ieder een eigen dansje naar voren. Ook de regisseuse, Andrea Breth, komt op het podium, evenals een tiental technici. Dit laatste is bijzonder, maar ook logisch: de snelle montage is essentieel voor deze voorstelling. Helaas gaat het publiek, zoals in Nederland gebruikelijk is, staan bij het applaus. Hoe verdiend het in dit geval ook is, het is jammer, want de acteurs zijn niet meer goed te zien, terwijl die tot op het laatst in hun rol blijven en rare, maar door de ruggen onzichtbare, dingen doen met de bloemen die ze hebben gekregen. Dit past echter weer wel bij de absurditeit van het leven, dè grote boodschap van dit stuk.

'Zwischenfälle - Miniaturen van Courteline', Cami, Charms [Burgtheater Wien]
Regie: Andrea Breth
Holland Festival 2012
Copyright Bernd Uhlig
‘Zwischenfälle’ (in het Nederlands: ‘gevallen’ of ‘incidenten’) bestaat uit vierenvijftig korte scènes, waarvan de langste vier minuten duurt en de kortste een paar seconden. Tien acteurs, zes mannen en vier vrouwen, variërend van jong tot oud, spelen in totaal negentig personages. Het toneel is afgedekt met een gaasdoek dat tussen de scènes door dusdanig belicht wordt dat het ondoorzichtig is. De acteurs zijn formeel gekleed, de mannen in pak, de vrouwen in mantelpak met hoge hakken. Dat verandert, op een paar uitzonderingen na, nauwelijks gedurende de voorstelling.

De laatste woorden van de inleiding tot de voorstelling zijn: “kijk niet met een rationele blik, probeer niet te begrijpen wat er gebeurt, kijk alsof het een droom is’. Dat is een uitstekend advies. Wat op het toneel te zien is, is irrationeel, absurd, tragikomisch en toch, dat is het bijzondere, herkenbaar. Ik herken mezelf in de man die meezingt met een operaplaat, die niet snel genoeg gaat naar zijn zin. De beelden op het toneel doen me af en toe denken aan de surrealistische tekeningen van Ronald Topor, zoals het moment waarop een oudere man meedanst met een speelgoeddanseres, terwijl zijn vrouw met haar onderlijf uit de muur hangt en om haar schoenen roept. Dergelijke beelden komen vaak terug. Een bed met een zingende vrouw erin dat door de lucht zweeft. Heel langzaam naar beneden vallende mannen. Een golfbal die een ravage aanricht. Een ander bed dat tegen de muur geplakt is, inclusief bijbehorende stoelen. De acteurs zijn zonder uitzondering virtuoos, met een fantastische lichaamsbeheersing. Een paar keer wordt er briljant gedanst en er is een bijzonder geestige scène waarbij alle spelers muziek maken. Het stuk eindigt met een prachtig, ontroerend lied.

Het is een voorstelling die maakt dat je anders naar de wereld kijkt. In de pauze krijg ik de neiging om, net als de mensen op het toneel, iets raars te doen: van de trap te dansen of iemands rok op te tillen en in haar achterste te bijten. Het vervreemdende is uiterst verfrissend. ‘Zwischenfälle’ is een briljante voorstelling; het is heel jammer dat hij maar twee keer te zien is.
Gerecenseerd door Emilia Nova. ‘Zwischenfälle’ is te zien tot en met 3 juni.


1 juni
Op vrijdag 1 juni is het Holland Festival 2012 groots van start gegaan met de voorstelling ‘C(H)OEURS’ van choreograaf Alain Platel. Wanneer alle voorstellingen van het festival zo imposant en indrukwekkend zijn opgezet, zullen alle kunstdisciplines heerlijk zijn om te bezoeken, te horen en te bekijken. Het festival vindt plaats van 1 juni tot en met 28 juni op verschillende locaties in Amsterdam.

'C(H)OEURS' [Alain Platel, les ballets C de la B, Teatro Real Madrid]
Choreografie: Alain Platel
Holland Festival 2012
Copyright Chris van der Burght
Het Holland Festival is geopend met de Nederlandse première van het nieuwe dansstuk ‘C(H)OEURS’ van de Belgische choreograaf Alain Platel. In dit stuk onderzoekt hij de rol van het individu versus de groep. Hoe profileer je je in een massa, ben je werkelijk een individu of loopt er ergens iemand anders rond die verdacht veel op je lijkt – je dubbelganger?

De massa wordt gespeeld door de het grote koor (150 zangers) en orkest van Teatro Real uit Madrid. Met een grote zware noot opent ‘C(H)OEURS’ en ben je als bezoeker direct geïmponeerd door de grootse opzet en welluidende klanken van koor en orkest. In tegenstelling tot veel andere dansvoorstellingen is er een interessante uitwisseling tussen dansers, koor en muziek. De dansers bevinden zich soms tussen de leden van het koor en zijn dan deel van de massa en op andere momenten danst het koor mee of blijkt dat dansers ook kunnen zingen.

Dans en zang versterken elkaar en zorgt voor een voelbare spanning tussen hen, welke duidelijk voelbaar is voor het publiek. Wanneer de mannelijke leden van het koor zich opeens achterin het publiek bevinden weet je als kijker even niet meer waar je je aandacht moet leggen. De tien dansers bewegen zich soms tegen de massa in, maar op andere momenten laten zij zich meevoeren. Juist dit contrast is interessant om te zien en illustreert op een duidelijke manier hoe lastig het is om als einzelgänger door het leven te gaan.

‘C(H)OEURS’ is boeiende voorstelling, Platel is er in geslaagd om moeilijke thema’s op een humoristische en soms confronterende wijze aan het grote publiek kenbaar te maken. Het publiek wordt op een directe wijze aangesproken door zowel dansers als koor wanneer zij onder andere als wilde dieren om elkaar heen rennen en zo een politiek protest uitbeelden of wanneer zij stampend en vol kracht over het toneel bewegen. Het orkest en koor zijn heerlijk om naar te luisteren, produceren een indrukwekkend geluid en in samenwerking met de aparte dansstijl van les ballets C de la B is ‘C(H)OEURS’ en fantastische voorstelling om mee te maken.
Gerecenseerd door Yara Gomperts. ‘C(H)OEURS’ is te zien tot en met maandag 4 juni.











Artikel informatie
Redacteur: Chris Belloni [www.belloni-concepts.nl], Emilia Nova, Mieke Zijlmans, Yara Gomperts
Speelperiode: tot en met 28-06-2012
Website:http://www.hollandfestival.nl

Artikelen Theaterjournaal RSS
meer artikelen...
Advertentie
redacteuren
gezocht
In première
23-05 Vastgoed BV
24-05 Fries StraatFestival 2013
25-05 Aladdin
25-05 Operadagen Rotterdam 2013
28-05 Stormvogels
28-05 Moby Dick - Het Concert
30-05 Theaterfestival Roestige Planken 2013
meer premières...
Nieuws
meer nieuws...
Advertenties
Theaterjournaal.nl plaatst cookies van Facebook/Twitter/Google/LinkedIn (lees meer). Hiervoor hebben wij uw toestemming nodig: toestaan / weigeren.