| Artikel |
Copyright Leo van Velzen De twee schuifpuien van het voordoek schuiven langzaam open en op ons netvlies blijft de afbeelding gebrand van het doek: Amsterdam in vogelvlucht anno 1538. De basis voor de karakteristieke huidige binnenstad waarin losse delen worden verbonden en ontsloten door stadswallen en grachten, blijkt hier gelegd. Gijsbrecht van Amstel torent fier uit boven de stad en staat op een flexibel, draaibaar decorscherm dat omhoog wordt gehouden door een liftmachine. In zijn openingsmonoloog legt Gijsbrecht zijn motieven uit en dat de moord op moord op Floris V, graaf van Holland, niet zijn fout was. We leren Gijsbrecht kennen als een vastberaden, machtsbeluste man. Dan ontvouwt zich het verhaal waarin de ondergang van de stad Amsterdam uit de doeken wordt gedaan.
Dichter Joost van den Vondel schreef met ‘Gijsbrecht van Amstel’ een vaderlands epos, dat eeuwenlang in theaters werd opgevoerd. De teloorgang van de stad Amsterdam wordt op een manier beschreven die gelijk is aan de ondergang van Troje. Daar waar bij de Griekse tegenhanger een houten paard met vijandelijke soldaten de stad in wordt gereden, valt Amsterdam ten prooi aan soldaten die zich hebben verschanst in een schip. Wel zo toepasselijk voor Amsterdam, dat een haven had die later uit zou groeien tot een bloeiend handelscentrum in de Gouden Eeuw. Deze geruststellende voorspelling wordt gedaan door een engel aan het einde van de voorstelling, maar eerst moeten de stad en haar inwoners lijden onder de gewelddadige moordpartijen van een vijand die op laffe (maar slimme) wijze de stad is binnengesmokkeld.
Copyright Leo van Velzen
Prachtig
De voorstelling wordt met verve gebracht door een cast die zeer goed raad weet met de prachtig rijmende teksten van Vondel. Marisa van Eyle laat zien over een puntgave tekstbehandeling te beschikken en speelt als bode met de taal. Mark Rietman draagt de avond met een verbluffende rol als Gijsbrecht die hij kracht, dreiging maar ook wanhoop en ijdelheid meegeeft. Hij maakt van Gijsbrecht een man die tegen beter weten in blijft vechten, met alle ellende die dat met zich meebrengt. Carine Crutzen speelt een trefzekere Badeloch en is een haast natuurlijke metgezel van Mark Rietman, zo vaak speelden zij al samen.
Zwart-wit
Het Toneel Speelt maakt van ‘Gijsbrecht van Amstel’ een klassieker in een prettig modern jasje. Het gezelschap herhaalt de technische hoogstandjes van de eerste Amsterdamse Schouwburg (het verticaal bewegende, schuin hellende decor dat wordt gedragen door een hefconstructie), wat bijdraagt aan de dynamiek van de voorstelling. De spelers zijn in prettig ogende ouderwetse kleding gestoken. Gijsbrecht en zijn broer dragen donkere pijen die tot de grond reiken, met daaronder een luchtig truitje dat doet denken aan een maliënkolder. De enigen die de zwart-wit tinten van kleding en decor doorbreken, zijn de kloostervader en de engel die ten tonele verschijnen, die in Rooms rode gewaden zijn gestoken. Het zwart-wit is een mooie verwijzing naar het goed en kwaad en komt consequent terug in de het toneelbeeld. De traditie om Gijsbrecht van Amstel weer te spelen (première op nieuwjaarsdag) blijkt te werken: Het Toneel Speelt is daar goed in geslaagd.
|
|
Redacteuren gezocht
Ga je graag vaak naar het theater en beschik je over een vlotte pen? Word dan redacteur bij Theaterjournaal! Op vrijwillige basis schrijf je per maand twee of meer artikelen (recensies, festivalverslagen en interviews) die op de website www.theaterjournaal.nl worden gepubliceerd. Kennis van theater en enige schrijfervaring wordt op prijs gesteld. Geïnteresseerd? Mail een motivatiebrief met CV en een artikel dat je zelf hebt geschreven naar: vacature@theaterjournaal.nl
|
|